Het klinkt zo simpel, "zo eerlijk mogelijk de pijn verdelen en zodra het beter gaat ook de lusten weer verdelen." Maar wat is eerlijk verdelen? Als je nu afstempelt en over 5 of 10 jaar blijkt dat de rekenrente weer zodanig is dat die afstempeling ongedaan kan worden gemaakt, dan merken de huidige werkenden daar niets van. Maar iemand van nu 75 jaar die de laatste jaren van zijn leven wordt geconfronteerd met een veel lager inkomen, heeft er niets aan als die afstempeling na zijn dood ongedaan wordt gemaakt...
Een van de problemen met de huidige waardering is de keuze voor de swap-rente als waarderingsgrondslag (die overigens los staat van de staatsrente). Theoretisch is het een mooie waarderingsgrondslag. Maar deze swaps hebben in de praktijk een relatief zeer kleine markt die ook nog eens sterk flucueert. Daardoor is de swap-rente voor de praktijk geen goede waarderingsgrondslag.
Ik heb in elk geval wel grote twijfels bij een indicator voor de renteinkomsten over een periode van 20 jaar, die in een maand tijd meer dan 0,8 procentpunt daalt. Is dit een goede indicator? Hoe kun je beweren dat een indicator die in juli aangaf dat het rendement de komende 20 jaar 3,6% zou zijn een goede indicatie gaf, als die indicator een maand later ineens zegt dat het rendement komende 20 jaar 2¾ zal zijn. Dan heeft de indicator (lees: de markt?) het in elk geval deze of vorige maand helemaal verkeerd ingeschat. Maar misschien (waarschijnlijk) is het rendement op beide momenten verkeerd ingeschat.
Rekenen met een doorlopend (gewogen) gemiddelde van rentestanden lijkt mij daarom een betere manier van waarderen dan rekenen met de waan van de dag. Of dat gemiddelde gebaseerd moet zijn op de swaprentes, de staatsobligaties of op bedrijfsobligaties, dat is dan weer een tweede discussie.