Na het rampjaar 2008 toen de
AEX met ruim 52% kelderde, bracht 2009 weliswaar een technisch koersherstel van 36%, de echte overtuiging ontbrak om deze stijging in 2010 een vervolg te geven.
De angst regeert. Per saldo beweegt de AEX zich rond de slotstand van 2009. In maart-april leek
er eventjes een beweging naar boven te zijn, maar het gebrek aan omzet waarmee dit gepaard ging, deed al vermoeden dat deze opgaande fase
geen lang leven beschoren zou zijn.
Kansen
De maand mei bracht het overtuigende
bewijs van deze stelling: de markt corrigeerde heftig op het escaleren van de eurocrisis. Wanneer
het sentiment de overhand krijgt boven de fundamentals, ontstaan er altijd kansen. Dit lijkt nu het geval te zijn.
De Fear Index, die de volatiliteit van de aandelenmarkt meet, bereikte op 20 mei een hoogste stand van 46, ruim een verdubbeling ten opzichte van het niveau drie weken eerder. Inmiddels beweegt deze graadmeter zich in de
range tussen 25 en 30 wat duidt op een status van verscherpte dijkbewaking.
Wie de krantenkoppen dezer dagen leest, kan zich maar moeilijk aan de indruk onttrekken dat er een aanhoudende wereldwijde crisis
rondwaart:
- Geldmarkt bijna op slot na crisis
in Zuid-Europa
- Productie nieuwe huizen ingestort
- Frankrijk kondigt bezuinigingen
aan van 45 miljard euro
- Versoepeling ontslagrecht moet
Spanje redden
- Banken hebben geen vertrouwen
in elkaar
Positieve berichten
Deze beeldvorming beïnvloedt beleggers dagelijks en zet aan tot een risicomijdende houding. De vraag
dient zich aan of het onder deze grimmige omstandigheden überhaupt verstandig is om in aandelen – die immers met een hoger risico
worden geassocieerd – te beleggen.
Mij dunkt van wel. Want tegenover de hierboven weergegeven negatieve headlines kunnen de volgende positieve inzichten worden geplaatst:
- Een sterker dan verwachte groei
in de Verenigde Staten
- Een duidelijk aantrekkende
M&A-activiteit (Mergers and Acquisitions)
- Het niet verder stijgen van de
werkloosheid
- Een fors versterkt weerstandsvermogen
van (de meeste) beursgenoteerde
ondernemingen
- Een aantoonbare versnelling in de
introductie van innovaties
Elk van deze positieve punten kan
worden onderbouwd en nader worden
geïnterpreteerd.
1. Sterker dan verwachte groei
in Verenigde Staten
Een sterker dan verwacht herstel in de Verenigde Staten werkt positief uit voor Europa. De lagere euro, op het moment van schrijven 15%
goedkoper ten opzichte van de Amerikaanse
dollar sinds eind vorig jaar, exporteert als het ware een deel van de Amerikaanse groei naar Europa.
Met name de Duitse exportindustrie
profiteert hiervan en in het kielzog hiervan de BV Nederland. In het small- en midcap beleggingsuniversum laten technisch dienstverlener
Imtech en industrieel toeleverancier Aalberts Industries steeds vaker opgetogen geluiden horen vanuit Duitsland.
De koersdoelen die goed ingevoerde analisten aan beide aandelen koppelen, vertonen al ruim
een jaar een gestage uptrend. Zo bedraagt de gemiddelde doelkoers van Imtech op moment van schrijven 28 euro en die van Aalberts Industries circa 14 euro.
Dit betekent dat de marktconsensus (de gemiddelde analistenverwachting) ervan uitgaat dat de betreffende aandelen de komende zes tot twaalf
maanden in aanmerking komen voor een koersstijging van respectievelijk 18 en 23%. Vergelijk dit eens met de opbrengst op een internetspaarrekening van hooguit 2%!
2. Duidelijk aantrekkende
activiteiten op fusie- en
overnamegebied
Fusies en overnames zijn in normale tijden het kersje op de taart. In 2009 – in het oog van de storm dus – was er op dit gebied niet of nauwelijks iets te beleven. Niet verwonderlijk, de banken waren druk doende hun geslonken reserves aan te vullen.
En de meeste financieel sterke bedrijven die acquisities konden doen, hielden hun kruit nog droog in afwachting van lagere overnameprijzen.
Twaalf maanden later is de situatie in die zin ten goede gekeerd, dat banken weer bereid en in staat zijn om hun best gepositioneerde en gefinancierde
cliënten te assisteren bij hun overnameplannen.
Deze bedrijven zijn op hun beurt nu wel bereid
te investeren, niet alleen te kijken, maar ook te kopen. Voorbeelden?
- De overname van Aalberts Industries van het Amerikaanse Conbraco
Industries die de omzet een impuls van 200 miljoen dollar geeft en direct aan de winst bijdraagt.
- De acquisitie door Amsterdam Commodities
van twee hoog renderende voedingsgerelateerde bedrijven van Deli Maatschappij die de winst
per aandeel op betrekkelijk korte
termijn met 50% zal doen verhogen.
- De snelle actie van software-leverancier
Unit4 om eerst een onderhandse aandelenplaatsing te doen en kort daarop de aankoop van een snel
groeiende Poolse sectorgenoot te
annonceren.
In alle gevallen was een enthousiaste reactie van beleggers het gevolg van deze groeiversterkende initiatieven.
3. Niet verder stijgen van de
werkloosheid
Het niet verder stijgen van de werkloosheid is uitgesproken goed nieuws. Weliswaar blijft Nederland voor wat betreft het scheppen van
nieuwe banen achter bij buurlanden België en Duitsland, maar gezien het laat-cyclische karakter van onze economie mag dit niet verwonderlijk
heten.
Daarbij heeft de ongewoon strenge winter overigens voor een vertragend effect gezorgd. Algemeen wordt aangenomen dat de economische groei hier te lande na de zomer gaat versnellen en dat de uitzend- en detacheringsbureaus het
dan weer drukker gaan krijgen.
Het zou het eerste harde bewijs zijn van een beter perspectief voor beleggers in 2011, de beurswaarderingen lopen immers vooruit op de economische realiteit van vandaag.
4. Fors versterkt
weerstandsvermogen
Een verbeterd weerstandsvermogen van (de meeste) beursgenoteerde ondernemingen is de resultante van de snel en strak uitgevoerde reorganisatierondes van 2009. Doortastende ondernemers hebben vorig jaar de tering naar
de nering gezet om hun exploitaties binnen de kortste keren aan te passen aan de nieuwe marktomstandigheden.
Dit betekende, waar nodig, ontslagen en werktijdverkorting, een absolute focus op cashgeneratie en een tijdelijk uitstellen van investeringen. Deze strategie bleek een paardenmiddel te zijn. Ondernemingen die twaalf
maanden geleden nog als verdacht te boek stonden bij hun huisbankiers worden nu weer met open armen ontvangen om nieuwe en aantrekkelijker
kredietovereenkomsten af te sluiten.
De discussie over het mogelijk verbreken van de convenanten is definitief verstomd.
5. Aantoonbare versnelling in
de introductie van innovaties
Een crisis noopt ondernemers creatiever te worden. Meer doen met minder middelen. En vooral sneller, zodat je de concurrentie voorblijft. Dit is van alle tijden. Juist in tijden van crisis wordt de basis
gelegd voor de periode van voorspoed
die erop volgt.
Ondernemingen die gedurende de kredietcrisis
zijn doorgegaan met investeren in onderzoek en ontwikkeling en de bijbehorende verkoopondersteuning, zullen van dit beleid nu de
vruchten plukken: hun marktaandeel
kan behoorlijk gaan stijgen. Voorbeelden:
- Imtech, dat begin juni 40% meer orders had geboekt dan over dezelfde periode een jaar
eerder.
- Vaccinproducent Crucell dat 30% méér investeert in onderzoek en ontwikkeling en hiertoe in september vorig jaar een strategische
alliantie met Johnson & Johnson
afsloot, waarmee het aansluiting bij
de wereldtop bewerkstelligde.
- Detacheerder Brunel International
dat door een scherp aannamebeleid
marktaandeel won van concurrenten
als Yacht (Randstad) en USG People.
Herhaling
In het twijfeljaar 2010 kan worden gezaaid om in 2011 te kunnen oogsten. Hier dringt zich de
vergelijking met 2004 op. Dat jaar kan worden beschouwd als het jaar na het technisch koersherstel van 2003 toen de markt zich (met een
koersappreciatie van 55% in negen maanden tijd!) ontworstelde aan de dotcom-crisis.
De historie zou zich zo maar kunnen herhalen. In 2005 steeg de AEX-index met ruim 25%,
na in overgangsjaar 2004 slechts 3%
te zijn gestegen. Doe er uw voordeel
mee!
Dit artikel is eerder verschenen in de IEX Beleggingsgids Zomer 2010.
Willem Burgers is van 1978 tot en met 1987 werkzaam geweest als fondsbeheerder bij de Robeco Groep. In de periode 1988 tot medio 1990 was hij hoofd research bij Van Meer James Capel, een dochteronderneming van HSBC Bank. Van september 1990 tot medio december 2002 was Willem Burgers managing director van het Orange Fund, een fonds actief op het gebied van Nederlandse smallcaps. Sinds 2007 is hij lid van het beheerteam van het Add Value Fund. Het Add Value Fund heeft een long positie van 335.000 aandelen Amsterdam Commodities. Enkele personen van het beheerteam hebben door het participeren in het Add Value Fund een beperkt indirect belang in Amsterdam Commodities. De informatie in zijn columns is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Keijser Capital Asset Management B.V. is de beheerder van Add Value Fund N.V. en is als vergunninghouder opgenomen in het register dat door de Autoriteit Financiële Markten wordt gehouden.
Om te reageren op dit artikel, klik hier.

Willem Burgers is van 1978 tot en met 1987 werkzaam geweest als fondsbeheerder bij de Robeco Groep. In de periode 1988 tot medio 1990 was hij hoofd research bij Van Meer James Capel, een dochteronderneming van HSBC Bank. Van september 1990 tot medio december 2002 was Willem Burgers managing director van het Orange Fund, een fonds actief op het gebied van Nederlandse smallcaps. Sinds 2007 is hij lid van het beheerteam van het Add Value Fund. De informatie in zijn columns is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.
Het Add Value Fund heeft long posities in Aalberts Industries, Brunel, Hunter Douglas en Ten Cate. Enkele personen van het beheerteam hebben door het participeren in het Add Value Fund een beperkt indirect belang in bovengenoemde aandelen. Columnist Willem Burgers heeft een longpositie in aandelen Ahold. Keijser Capital Asset Management B.V. is de beheerder van Add Value Fund N.V. en is als vergunninghouder opgenomen in het register dat door de Autoriteit Financiële Markten wordt gehouden. Het prospectus en de financiële bijsluiter zijn beschikbaar op de website Add Value Fund. De waarde van de activa van het Add Value Fund is afhankelijk van ontwikkelingen op de financiële markten en kan als gevolg van het beleggingsbeleid sterk fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.

Willem,
Ik hoop dat je de reacties op je artikel leest! Want anders zitten we hier een beetje voor Jan-Joker te reageren. Ik vond het jammer dat je bij je vorige column verder niets meer liet horen.
Bij je degelijke analyse heb ik nog twee opmerkingen:
Ten eerste: Ik vind dat er door de bankencrisis en de daaruit onstante kredietcrisis toch de afgelopen twee jaren een MENTALITEITSverandering heeft plaatsgevonden die goed is voor de aandelenmarkt. Men is tot het besef gekomen dat alles eerst verdiend moet worden alvorens uit te geven. Mooi voorbeeld is natuurlijk de onlangs door de Nederlandse vakbeweging ingestemde verhoging van de pensioenleeftijd en de afgelopen weken de veel sterkere regulering van banken en bankiers. Er komt weer meer een "no-nonsensementaliteit" en dat werd de hoogste tijd.
En als tweede punt, zeer belangrijk voor Nederland, als de belangrijkste handelspartner van Nederland duidelijk een groei vertoont. Zie bericht hieronder van vanmorgen. Dit is zéér positief!
Deutschland: Gesamtproduktion legt überraschend kräftig zu
BERLIN (dpa-AFX) - In Deutschland hat die Produktion des Verarbeitenden Gewerbes im Mai überraschend kräftig zugelegt. Auf Monatssicht erhöhte sich die Gesamtproduktion preis- und saisonbereinigt um 2,6 Prozent, wie das Wirtschaftsministerium am Donnerstag in Berlin mitteilte. Von dpa-AFX befragte Volkswirte hatten zwar mit einem erneuten Zuwachs gerechnet, diesen aber mit 1,0 Prozent deutlich schwächer eingeschätzt. Darüber hinaus wurde das Produktionsplus im Vormonat um 0,3 Punkte auf 1,2 Prozent nach oben korrigiert. Im Jahresvergleich ergab sich im Mai ein bereinigtes Produktionsplus von 12,4 Prozent. Rückschläge gibt es im Mai lediglich aus dem Baugewerbe zu vermelden, wo die Produktion um 2,3 Prozent abnahm. Allerdings waren hier in den Vormonaten starke Zuwächse verzeichnet worden. Die wichtige Industrieproduktion legte hingegen kräftig um 3,4 Prozent zu. Alle Unterbereiche konnten zulegen: Besonders stark stieg die Produktion mit 4,6 Prozent bei den Investitionsgütern. Hersteller von Vorleistungsgütern verzeichneten ein Plus von 3,2 Prozent, im Konsumgüterbereich lag der Zuwachs bei 1,7 Prozent.
Das Wirtschaftsministerium führt die kräftigen Zuwächse auf die starken Auftragseingänge in den vergangenen Monaten zurück. Im Mai hatte es allerdings einen leichten Rückgang der Orders gegeben, wie aus Zahlen vom Mittwoch hervorgeht. Überdurchschnittliche Produktionsausweitungen stellt das Ministerium aktuell im Metallbereich und in der Automobilproduktion fest.